Leenpunten

Leenpunten

Een prachtig discussieonderwerp in onze branche is het abonnement. De meeste bibliotheken hanteren een systeem van drie abonnementsvormen: klein, middel en groot. Daarnaast betaal je voor bepaalde diensten apart en bestaan er kortingen voor allerlei groepen, zoals jongeren of mensen met een laag inkomen. Kinderen zijn veelal gratis lid. Maar voor bepaalde materialen zoals cd’s moeten zij evengoed betalen. Al is het aantal uitleningen hiervan binnen deze groep laag.

De discussie draait vooral om één vraag: laat je leden alleen betalen voor wat zij afnemen of vraag je één vast bedrag voor alle diensten? Frank Huijsmans noemde dit ooit het onderscheid tussen het kermismodel en het pretparkmodel. Op de kermis betaal je voor elke attractie apart, voor het pretpark betaal je één bedrag voor alles. In de praktijk kiezen bibliotheken voor een mix.

Verschillende tarieven

Eén bedrag voor alles heeft uitzonderingen, zoals boetegeld. Maar onlangs zijn enkele bibliotheken gestart met boetevrij lenen. Reserveren is vaak gratis, maar niet altijd. Sommige bibliotheken vragen een klein bedrag wanneer de reservering niet wordt opgehaald. En reserveren bij andere bibliotheken is bijna altijd tegen een tarief.

De bibliotheeksector is niet de enige plek waar over tarieven wordt nagedacht. De telefoniewereld biedt bundels met tal van varianten. Soms zijn er zoveel opties dat de gebruiker het nauwelijks meer snapt. In het buitenland bellen zit sinds kort binnen de bundel… Hoewel, er zijn uitzonderingen.

Al langere tijd denk ik aan een ander systeem voor de Bibliotheek: leenpunten. Het uitgangspunt is dat een lid betaalt voor wat hij exact gebruikt, maar dat dit vanzelf gaat uit een bundel. Zoals je binnen een telefonieabonnement een bundel belminuten hebt, zo heb je dan voor je bibliotheekabonnement een bundel leenpunten.

Puntensysteem

Kort gezegd staat een leenpunt voor het lenen van één materiaal voor één dag. Het systeem bestaat uit een instaptarief van € 12, waarmee je een pasje hebt, kunt internetten in de Bibliotheek en een beperkt aantal van 200 leenpunten krijgt. Tel hier € 30 bij op en je hebt een basisabonnement van € 42, waarmee je ook landelijk ebooks kunt lenen. Hiervoor krijg je 1.000 extra leenpunten. Dat is 3 cent per leenpunt. Totaal heb je dan dus 1.200 leenpunten, waarvoor je meer dan 50 materialen per jaar leent.

Dit systeem betekent dat je leden beloont die hun materialen snel inleveren en dat er geen boete staat op te laat inleveren. Je betaalt hier gewoon meer punten voor. Het leuke is dat je kunt variëren met het aantal punten per dag. Na drie weken is de normale leentermijn verlopen en gaat het tarief omhoog naar 2 punten per dag. In de zomer laat je het tarief zakken naar een halve punt per dag. Populaire nieuwe boeken kosten 2 punten per dag. En materialen waarvoor je nu een leentarief betaalt, daarvoor betaal je gewoon meer punten per dag: cd’s 10 per dag, dvd's 5 per dag.

Het reserveersysteem kun je hierin opnemen: per reservering, afhankelijk waar het boek vandaan komt, betaal je met een aantal punten. Ook als reserveren gratis is reken je eerst af met een paar punten. Wanneer je het boek afhaalt krijg je deze punten weer terug. Belonen is namelijk altijd beter dan straffen. Je kunt ook de korting op activiteiten verwerken in dit puntensysteem. In plaats van een korting op een lezing van € 2,50 ontvang je bijvoorbeeld 50 leenpunten.

En is je bundel op, dan koop je gewoon extra punten. Daarbij beloon je de veellener door het tarief bij grote inkoop laag te houden, bijvoorbeeld 1.000 extra punten voor € 20 in plaats van € 30. Koop je een kleine bundel dan betaal je hier juist meer voor, bijvoorbeeld 300 punten voor € 10.

Wanneer ik er zo over nadenk word ik enthousiast van het idee. Er is één probleem: de praktische bezwaren die zoals zo vaak in de weg staan. Onze ict-systemen zijn hier totaal niet op ingericht. Jammer, het blijft bij een droom. Of zou er een ambitieuze bibliotheek zijn die dit aandurft?

Meer blogposts van Alek Dabrowski