Samenwerking Leesoffensief: ‘Ga op strategisch niveau het gesprek aan’

Samenwerking Leesoffensief: ‘Ga op strategisch niveau het gesprek aan’

Wat kunnen bibliotheken doen om de leesvaardigheid van jongeren te vergroten en hen met plezier te laten lezen? In samenwerking met de bibliotheken Kennemerwaard, Amstelland en Haarlemmermeer ontwikkelde Probiblio een programma voor bibliotheken in Noord-Holland, ter versterking van het provinciale Leesoffensief. Adviseur Educatie Barbara van Walraven sprak erover met Daphne Janson, directeur van Bibliotheek Amstelland en Erna Winters, directeur van ABC Huis (waar Bibliotheek Kennemerwaard onderdeel van is).

Over het Leesoffensief

De leesvaardigheid van Nederlandse jongeren daalt steeds harder, zeker in vergelijking met andere landen. In oktober 2020 luidden 18 organisaties uit het veld van onderwijs, cultuur en jeugdgezondheid gezamenlijk de noodklok in het manifest 'Oproep tot een ambitieus Leesoffensief'. Tijd voor actie, vonden ook de directeuren van de SOOB (provinciale directieoverleg bibliotheken Noord-Holland). Zij pleitten ervoor samen op te trekken, vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid en met nadrukkelijke aandacht voor de lokale situatie. In maart 2021 startten we met een ondersteuningsprogramma, bestaande uit werkateliers en stakeholderbijeenkomsten. Het traject loopt door tot in het najaar.

Kun je in één zin vertellen wat het Leesoffensief inhoudt? En wat betekent het voor jou persoonlijk?

Erna: “Lezen als basisvaardigheid bovenaan de politieke agenda en onderwijsagenda zetten.

“Ik ben een arbeiderskind, opgegroeid in de emancipatiehausse van de jaren zeventig. Als ik zat te lezen zei mijn moeder: 'Kind, ga eens wat doen!' Mijn vader en oma lazen wel veel en zelf had ik ook een enorme leeshonger. Dat heeft gezorgd voor een sterke basis en dat gun ik ieder kind. Zonder die basis heb je het ongelofelijk moeilijk in deze samenleving. Ik zie nu een soort ‘lost generation’ aankomen van kinderen die niet meer lezen. De effecten daarvan gaan we pas over 20 jaar zien."

Daphne: "Mijn zoon is nu 16 en houdt van lezen. Maar daar tijd voor vrij maken is echt een worsteling, door de hoeveelheid aan verleidingen die er nu om hem heen is. We moeten een nieuw evenwicht vinden in het uitdijend medialandschap.”

Welke rol is daarbij weggelegd voor de bibliotheek? 

Daphne: “Dat vinden van een nieuw evenwicht heeft twee kanten: enerzijds moeten we allerlei nieuwe mediavormen benutten als steun bij taalontwikkeling. Denk aan digitale prentenboeken: hoe gebruik je die in de kinderopvang? Dat is voor ons ook leren: al die nieuwe vormen, daar zullen we onszelf in moeten blijven ontwikkelen. Anderzijds moeten we tijd en aandacht borgen voor diep lezen.”

Erna: "Onze kracht zit in de kennis en expertise van de medewerkers. Technisch lezen is niet ons vak, maar wel het overbrengen van leesplezier. Wat zijn leuke kinder- en jongerenboeken? Hoe sluit je aan bij vakken als Maatschappijleer of Geschiedenis? Verhalen levend maken, zorgen dat wat je aanreikt ook aansluit bij de belevingswereld van kinderen. Er staan nu ook leerkrachten voor de klas die zelf niet of nauwelijks lezen. Die missen het besef van urgentie. Iedereen weet wel dat lezen, net als sporten, goed voor je is. Maar om het echt te gaan doen, moet je er vooral ook lol aan beleven. Volgens mij moet je veel meer op die plezierfactor gaan zitten.”

“Iedereen weet dat lezen, net als sporten, goed voor je is. Maar om het echt te gaan doen, moet je er vooral ook lol aan beleven. De kracht van de bibliotheek zit in het kunnen overbrengen van leesplezier.” - Erna Winters

 

Het ondersteuningsprogramma bestaat uit een traject van werkateliers en stakeholderbijeenkomsten, waarbij de lokale situatie het uitgangspunt vormt. Hoe vertalen jullie het Leesoffensief naar je eigen bibliotheekbeleid?

Daphne: "We hebben in onze Meerjarenvisie van 2019 gekozen voor drie speerpunten, waaronder jeugd en onderwijs. In het Noord-Hollandse traject leggen wij nu als bibliotheek de focus op het voortgezet onderwijs (vo). Wat bieden we nu, wat is de behoefte bij scholen? Welke ontwikkelingen zien we en wat betekent dat voor ons aanbod? Dat traject is in combinatie met de oproep van het Leesoffensief een krachtige impuls om gericht aandacht te gaan geven aan deze voor ons moeilijke doelgroep.”

Erna: "Wat ik vooral belangrijk vind, is dat je een focus kiest voor je formatie en middelen. En dat je daar ook voor een aantal jaren aan vasthoudt. Zo zijn we acht jaar geleden begonnen met de Bibliotheek op school (dBos), ter vervanging van losse programma’s. Dat heeft echt een vlucht genomen, daarin hebben we een toegevoegde waarde laten zien. Maar niet alle scholen willen de kosten voor dBos opbrengen. Dan wordt het een gesprek met de school of de gemeente: er ligt meer vraag, maar die kunnen we met de huidige middelen niet beantwoorden.”

Hoe verlopen die gesprekken met de gemeente?

Erna: “Dat verschilt per gemeente. Alle vier de gemeenten die wij bedienen onderschrijven het belang van het Leesoffensief. Maar waar de ene wethouder bereid is te investeren, ziet de ander het als een taak van de school. Een wisseling van de wacht en komst van een nieuwe wethouder kan daarbij opeens het verschil maken. Dus je moet de contacten warmhouden en blijven uitleggen: onze medewerkers zijn experts op het gebied van leesplezier.”

Daphne: "Bij ons is dat precies hetzelfde: alle gemeenten zien het belang, maar niet allemaal zien ze mogelijkheden om middelen vrij te maken. Het is een kwestie van een lange adem hebben, het verhaal blijven vertellen en met elkaar blijven zoeken naar wat mogelijk is.

“In 2024 wordt de gezinsaanpak als verantwoordelijkheid bij de gemeentes neergelegd. Daar werken we samen naartoe en dat kan nu heel goed in het kader van alle aandacht voor het Leesoffensief. Zo kunnen we alvast bij die gemeentes aan de bel trekken: kijk eens, wij doen dit al! Laten we dit goed borgen richting 2024, door er de middelen bij te blijven geven."

“In 2024 wordt de gezinsaanpak als verantwoordelijkheid bij de gemeentes neergelegd. In aanloop daarnaartoe kunnen we alvast aan de bel trekken: kijk eens, de bibliotheken doen dit al!" - Daphne Janson

 

Welke tips heb je voor collega’s die met het Leesoffensief aan de slag willen?

Daphne: "Het is belangrijk dat je kwaliteit biedt. Dus dat je zelf ook investeert in goede mensen en dat je mensen zich kunnen blijven ontwikkelen. Anders wordt het een heel dun verhaal.”

Erna: "Leg als directeur zelf het eerste contact, met de schooldirecteur of rector. Kom niet gelijk met jouw oplossing, maar ga na waar de behoefte van de school ligt. En investeer in je relatie, want met het eerste gesprek ben je er niet.

“De school moet ook helder hebben dat het niet geheel vrijblijvend is als de bibliotheek binnenkomt. Als ze het bijbrengen van leesplezier ‘afkopen’ of neerleggen bij de bibliotheek, organiseer je als school en als bibliotheek je eigen mislukking. Er ligt een rol en taak voor zowel de bibliotheek, als voor de school en de ouders. Die laatsten kun je alleen in samenwerking met de school goed bereiken. Van scholen vraag je dus een behoorlijke investering, niet alleen in geld, maar ook in tijd, betrokkenheid en verantwoordelijkheid/commitment.”

Waarom is het zo cruciaal dat de directeur het eerste gesprek voert?

Erna: "Omdat je daarmee op strategisch niveau het gesprek aangaat. Je wilt weten: waar ligt zo'n schooldirecteur wakker van? Waar ben je mee bezig, wat is je strategische ontwikkeling als school en waar leg je de focus voor je kinderen? Elke school profileert zich tegenwoordig, als kunstschool, sportschool, noem het maar op. Daar moet je ergens het haakje zien te vinden. Er zit dus een belangrijk element van maatwerk in: elke school is anders."

 

"Ga op strategisch niveau het gesprek aan, met de schooldirecteur of rector. Waar ligt zo iemand wakker van? Kom niet gelijk met jouw oplossing, maar ga na waar de behoefte van de school ligt.”

 

Jullie maken deel uit van de klankbordgroep van de SOOB (het provinciale directieoverleg in Noord-Holland), over het traject ter versterking van het provinciale Leesoffensief. Wat spreekt je het meeste aan in de opzet die nu door de SOOB is gekozen? 

Daphne: "Dat we met elkaar gericht aandacht hebben voor één onderwerp en daar echt dieper induiken. En leren van elkaar vind ik ook belangrijk. Natuurlijk is het bij Erna bovenin de provincie anders dan bij mij, maar we zijn wel allemaal bibliotheken."

Erna: "Wat ik zo goed vind aan het traject met de SOOB, is de spiegeling van de betrokken stakeholders. Dus dat je er een wethouder of ambtenaar bij betrekt en vanuit de school in elk geval de directeur of rector. En afhankelijk van het type school nog een leerkracht of een leescoördinator. Je hebt over de gehele linie betrokkenheid nodig. Die samenwerking met alle stakeholders plaveit de weg voor het gesprek over strategie en uitvoering."

In deze video wordt een beeld geschetst van wat het Leesoffensief inhoudt en wat bibliotheken in Noord-Holland daaraan bijdragen.

Er is veel aandacht voor het Leesoffensief, ook in de politiek en in de media. Wat valt je daarbij het meeste op?

Erna: "Het zijn heel veel letters, maar geld zit er over het algemeen niet bij. En de bibliotheek wordt niet altijd even expliciet genoemd. Daar hebben wij in onze positiebepaling en lobby nog echt een slag te winnen. We hebben nog teveel het imago van een organisatie die alleen boeken uitleent. Maar wij hebben echt experts in huis! Ik had het zo mooi gevonden als er in het Leesoffensief zou hebben gestaan dat de bibliotheken de Bibliotheek op school kunnen aanbieden. En dat daar dan ook budget voor zou worden vrijgemaakt, eventueel via het onderwijs zoals nu bij het Nationaal Onderwijsprogramma.”

Daphne: "In de uitwerking van de Netwerkagenda kunnen we aan de invulling van het Leesoffensief een vervolg geven."

 

“In het manifest 'Oproep tot een ambitieus Leesoffensief' wordt de bibliotheek niet expliciet genoemd. Daar hebben wij in onze positiebepaling en lobby nog echt een slag te winnen; we hebben nog teveel het imago van een organisatie die alleen boeken uitleent.”

 

Tot slot: welk boek ligt er op jullie nachtkastje?

Daphne: "Ik ben net begonnen in Allerzielen van Javier Marías, over de samenleving in Oxford.”

Erna: "Ik ben altijd in 2 of 3 boeken tegelijkertijd bezig. Naast mijn bed ligt nu het verzameld werk van de dichter Hans ten Teije en De spiegel en het licht van Hillary Mantel. Prachtig, wat kan die vrouw schrijven! En ik lees Reinventing organisations van Frederic Laloux, omdat wij in beweging zijn rondom zelforganisatie.

En nog een tip van Adviseur Educatie Barbara: Papyrus, een geschiedenis van de wereld in boeken. 'De liefde voor boeken en lezen klinkt door in alle pagina's van dit meesterwerk', aldus een recensent.

Vragen?

Kijk hier voor meer informatie over het programma dat Probiblio in samenwerking met de bibliotheken Kennemerwaard, Amstelland en Haarlemmermeer ontwikkelde voor bibliotheken in Noord-Holland, ter versterking van het provinciale Leesoffensief. Heb je vragen over het Leesoffensief en wat jij hier zelf als bibliotheek in kan ondernemen? Neem contact op met onze adviseurs Educatie Caroline Heijer of Barbara van Walraven.

Lees ook: 'Nationaal Programma Onderwijs biedt kansen voor bibliotheken'. 

Bekijk ook: Leesoffensief: initiatieven van bibliotheken en scholen in Noord-Holland

Reacties (0)

Reageren

Meer blogposts van Barbara van Walraven