Trends en Bubbels

Trends en Bubbels

Ieder jaar presenteert een groep trendwatchers de Trendrede. Dit jaar begint het verhaal met een tweedeling tussen ik en wij. ‘Ik’ staat voor het individu met volledige vrijheid. De auteurs merken op: “Zelfsturing was een optie, maar bleek een opdracht.” Dit kan makkelijk omslaan in frustratie. ‘Wij’ staat voor betrokkenheid en gezamenlijkheid. Het ‘Wij’ is optimistisch, is van goede wil. De conclusie is helder: individuen moeten het samen doen. De trendwatchers werken dit uit in drie hoofdstukken met de volgende titels: verbrokkeling, samensturing en samenhang der delen. Leuk zijn de nieuwe begrippen die zij introduceren om hun punt te maken, zoals systeempijn, het recht op pechloosheid en de bouwsteenburger.

Het stuk ademt een positieve sfeer, maar eindigt met de vraag wat het is wat ons bindt: wie is ‘Wij’? Ondertussen noemen de auteurs Nederland een perfecte proeftuin voor de wereld. Hiervoor is het nodig te ontschotten, een open blik te hebben en variatie te omarmen. Alles in deze trendrede is omgekeerd aan een ander modieus begrip, de bubbel. Mensen die langdurig blijven hangen op Facebook of op andere sociale media worden verweten dat zij in een informatiebubbel zitten. De online algoritmes werken kennelijk zo dat je krijgt waar je eerder naar zocht. Dit leidt tot weinig ontschotting en variatie in iemands blikveld.

In hoeverre dit waar is laat ik even in het midden. In de tijd voor internet lazen de meeste Nederlanders ook maar één krant en keken zij vaak naar dezelfde programma’s, dat heette toen verzuiling. De zuil is een bubbel geworden en de algemene mening hierover is dat dat een probleem is. De inhoud van trendrede is een pleidooi voor openheid. Toch zie ik hier ook bubbelvorming. Het taalgebruik en de wereld waar de trendwatchers zich in begeven is niet representatief voor Nederland. De waargenomen trends gelden zeker niet voor alle Nederlanders. Sterker nog, de meeste mensen zijn trendloos. Zij willen helemaal niet veranderen. Zij voelen zich prima in hun bubbel en worden boos, soms terecht, wanneer deze bubbel door vooruitstrevende intellectuelen wordt doorgeprikt.

Er is iets vreemds aan de hand met trends. Terugkijkend kun je duidelijke trends onderscheiden, bijvoorbeeld in architectuur, vrijetijdsbesteding of woninginrichting. Een jaren-dertig-inrichting is wezenlijk anders dan een jaren-zeventig-inrichting. In televisieseries en speelfilms wordt hier altijd zorgvuldig rekening mee gehouden. In werkelijk had slechts een minderheid in de jaren dertig een jaren-dertig-inrichting. De meeste hadden geen geld voor nieuwe meubels of wilden liever niet veranderen. Zij bleven in hun negentiende-eeuwse bubbel wonen. Historische speelfilms laten zelden de werkelijkheid zien.

De aantrekkelijkheid van deze misleidende trends is sterk, vaak sterker dan onze objectieve blik. We onderscheiden al jarenlang trends in bibliotheekwerk. Meer openheid, meer interactie met het publiek, meer retail (alweer op zijn retour), enzovoorts. In werkelijkheid zijn veel bibliotheken anno 2018 nog steeds bastions van boeken. Dit overigens tot groot genoegen van de meeste bezoekers, die zich helemaal thuis voelen in deze bubbel. Uiteraard moet je veranderen en meegaan met je tijd. Maar misschien is het 'niet meehollen met alle trends en gewoon in je eigen bubbel blijven' wel de redding van veel bibliotheken geweest.

Wil je meer bubbels, kom dan luisteren naar de nieuwste bibliotheektrends tijdens de ‘De Lonkende Leestafel Show’ op het Bibliotheekcongres op 20 maart!

Reacties (0)

Reageren

Meer blogposts van Alek Dabrowski