VoorleesExpress-projectleider Sandy van Echtelt: 'Met ons nazorgtraject stimuleren we zelfredzaamheid'

VoorleesExpress-projectleider Sandy van Echtelt: 'Met ons nazorgtraject stimuleren we zelfredzaamheid'

Uit onderzoek blijkt dat de voorleestrajecten van de VoorleesExpress effectief zijn, maar dat er op het gebied van nazorg nog winst te behalen valt. Hoe zorg je ervoor dat de gezinnen na afronding van het traject in de bibliotheek blijven komen en dóór blijven lezen? Bibliotheek Gouda was een van de eerste bibliotheken met een succesvol nazorgtraject: Bibliotheekwijs. VoorleesExpress-projectleider Sandy van Echtelt vertelt en geeft 3 tips. "Neem de frontofficecollega’s mee in je plannen. Samen weet je meer!"

Hoe is Bibliotheekwijs tot stand gekomen?

"We merkten dat de gezinnen behoefte hadden aan nazorg. Als ze klaar waren met een voorleestraject vonden ze dat erg jammer. Ze vroegen of ze niet nog een keer mochten meedoen met de VoorleesExpress, wat niet mogelijk is om ook andere gezinnen de gelegenheid te geven mee te doen.

"We wilden een antwoord hebben op dit soort vragen en meehelpen aan een volgende stap voor de gezinnen. Waar we met het standaardtraject op leesbevordering en taalontwikkeling inzetten, wilden we met het vervolgtraject ook zelfredzaamheid stimuleren. Zelf naar de bieb gaan (in plaats van met de voorlezer mee) en dan blijven terugkomen.

"We zijn in de zomer van 2018 met het Bibliotheekwijs-traject gestart. We hebben er destijds subsidie voor aangevraagd, maar toen het eenmaal liep was dit niet meer nodig en paste Bibliotheekwijs gewoon binnen ons reguliere aanbod."

Hoe gaat Bibliotheekwijs praktisch in zijn werk?

"Wij vragen de voorlezer na afloop van het reguliere traject of ze het leuk vindt het gezin nog vijf keer te begeleiden. Dit is dan niet meer elke week, maar mag met tussenpozen van twee of drie weken. Als de voorlezer dat niet wil, zoeken we een andere vrijwilliger. We vragen ook aan het gezin waar de behoefte ligt en of ze aan Bibliotheekwijs willen meedoen. Voorlezer en gezin spreken vervolgens vijf keer samen af in de bibliotheek.

"Daarbij stimuleren we dat ze zowel de grote stadsbibliotheek als de kleinere buurtbibliotheek bezoeken. De stadsbibliotheek heeft een groter aanbod, maar kan ook overweldigend zijn. De buurtbieb is kleiner, maar daardoor knus en laagdrempelig. Voorlezer, kind én ouder gaan samen naar de bibliotheek. Het is niet de bedoeling dat het kind alleen met de voorlezer gaat: de ouders spelen net als bij het reguliere VoorleesExpresstraject een actieve rol. Ze oefenen bijvoorbeeld met boeken lenen met het pasje van het kind en niet meer met de pas van de vrijwilliger."

 

"Net als bij het reguliere voorleestraject spelen de ouders in het nazorgtraject een actieve rol. Ze oefenen bijvoorbeeld met zelfstandig boeken lenen in plaats van via de vrijwilliger."

 

"Voor de voorlezers hebben we een handleiding* gemaakt met onderwerpen die ze tijdens de vijf bibliotheekbezoeken kunnen behandelen. Zo hoeven ze niet tijdens één bezoek alles te vertellen, maar kunnen ze de informatie verspreiden. In de handleiding leggen we ook uit wat het Taalhuis precies is en wanneer ze op spreekuur kunnen komen. En we hebben een afsprakenkaart gemaakt op ansichtkaartformaat. Zo weten voorlezer en gezin precies waar ze aan toe zijn."

*Interesse hebben in de handleiding, ter inspiratie? Vraag hem aan bij Sandy van Echtelt.

Wat is de invloed van Bibliotheekwijs op de reguliere voorleestrajecten?

"Als een voorlezer het Bibliotheekwijs-traject gaat doen, kan het zijn dat hij hier twee maanden mee bezig is. En dus niet beschikbaar is voor een regulier voorleestraject. Dat vonden wij in het begin een nadeel. We hebben toen geworven op speciale vrijwilligers voor Bibliotheekwijs, die heel goed hun weg kunnen vinden in de bibliotheek en informatie daarover leuk en laagdrempelig kunnen overbrengen. Dit zou ik ook zeker aanraden aan anderen.

"Het nadeel hiervan is dat het gaat om een nieuwe vrijwilliger, die nog niet het vertrouwde contact heeft opgebouwd met het gezin en de kinderen. Maar het kan ook een heel leuk contact zijn en weer nieuwe impulsen geven."

 

"We hebben geworven op speciale vrijwilligers voor Bibliotheekwijs, die goed hun weg kunnen vinden in de bibliotheek en informatie daarover laagdrempelig kunnen overbrengen."

 

Wat merkte je van de effecten?

"We wilden 40 gezinnen bereiken en dat waren na twee jaar al 37, dus dat is een goed resultaat. Het hoofddoel was: gezinnen vaker naar de bibliotheek laten komen om een boekje te lezen. Dit kan je natuurlijk niet zo goed monitoren. Wat je wel kunt meten, zijn de uitleengegevens: is er op de pasjes van de kinderen meer geleend? In sommige gevallen was dat wel zo, in andere niet. Ik zou graag de gezinnen blijven steunen en stimuleren om naar de bibliotheek te komen."

Wat zijn jullie toekomstplannen?

"Ik zou het leuk vinden om regelmatig contact te blijven houden met de gezinnen. Bijvoorbeeld door middel van Whatsap-berichtjes, die je een keer in de zoveel tijd naar het gezin stuurt. Zo’n bericht bevat dan een link naar een digitaal prentenboek, een leuk filmpje of een onderdeel van jeugdbibliotheek.nl. Ook een programma als Taal & Tablets van Cubiss zou een goede aanvulling zijn voor deze doelgroep, omdat je dan een combinatie hebt van digitale vaardigheden, mediaopvoeding én lezen."

"Verder zou ik graag de gezinnen van de VoorleesExpress aan elkaar willen verbinden. Woensdagmiddag wordt dan de VoorleesExpress-middag, waar we de gezinnen speciaal voor uitnodigen. Vrijwilligers komen voorlezen en ik ga bij het Taalhuis werken. Als er dan nog vragen zijn, kunnen ze die meteen stellen. Hopelijk levert dat veel mooie gesprekken op.

Dat kan ook een mooie aanvulling zijn op de terugkomdag die we drie keer per jaar organiseren met de projecten Samen Leren en Spel aan Huis, die net als de VoorleesExpress onder de Brede School vallen. Het doel van deze dag is ontmoeting en behoeftepeiling. Samen weet je meer!"

 

"Ik zou ik graag de gezinnen van de VoorleesExpress aan elkaar verbinden. Woensdagmiddag wordt dan de VoorleesExpress-middag, waar we de gezinnen speciaal voor uitnodigen."

 

Welke 3 tips heb je voor bibliotheken die een soortgelijk project willen gaan doen?

  1. "Neem de collega’s van de frontoffice mee in de plannen. Hoe benader je een gezin dat bijna nooit in de bibliotheek komt? Ook kunnen de gezinnen zo zien dat de voorlezer makkelijk op de bibliotheekmedewerker af stapt en vragen stelt. De voorlezer weet ook niet alles, maar de frontofficemedewerker kan helpen!
  2. De vrijwilliger en het gezin krijgen een bon om in het restaurantje van de Chocoladefabriek een kopje koffie of een glas limonade te drinken. Zo maken ze er echt een uitje van.
  3. Aan het eind van het traject krijgen de kinderen een cadeautje. Bij ons was dit een leeslampje, dat goed werd ontvangen. Dit kunnen ze dan weer gebruiken om te blijven lezen."

Vragen?

Heb je vragen over de VoorleesExpress of het opstarten van een nazorgtraject? Kijk op onze website voor meer informatie, of neem contact op met Charlotte Lehmann, adviseur Educatie en vanuit Probiblio ook regionaal coördinator van het VoorleesExpress-netwerk Noord- en Zuid-Holland.

Lees ook: 'Zelf ervaren - De VoorleesExpress in coronatijd', blog van Charlotte Lehmann

Dit artikel hoort bij onze campagne Geletterdheid. Probiblio helpt bibliotheken om meer mensen te laten lezen. De komende tijd besteden we extra aandacht aan geletterdheid. Geletterd zijn is voor mensen een voorwaarde om volwaardig mee te doen in de samenleving. Lees wat we nog meer doen op het gebied van Geletterdheid.

Reacties (0)

Reageren

Meer blogposts van Charlotte Lehmann