Review: 'Ik leer coderen' (Jumbo)

'Ik leer coderen!' is een spel uit Jumbo's 'Ik Leer'-serie, waarmee jonge kinderen vanaf 5 jaar leren coderen zonder scherm. Adviseur Digitale geletterdheid Aniek van Son stortte zich op het spel en vertelt je hoe het werkt, haar eerste indruk en eindoordeel. "Het spel maakt niet al zijn beloftes waar, maar is wel een toegankelijke, schermvrije tool waarmee kinderen zelfstandig aan de slag kunnen."

Coderen en bananen

Wat mij onder andere aantrok in het spel is de verkrijgbaarheid (gemakkelijk te bestellen op bol.com) en de prijs. Voor € 19,95 ontvang je een doos met 20 opdrachtkaarten op 3 niveaus; een koffertje om alles mooi in op te bergen; spelregels en ‘programmeerblokjes’. Het spel draait om een aapje dat op zoek gaat naar bananen. Om bij de bananen te komen, moet je codeerblokjes in de juiste volgorde op het spelbord plaatsen. Het spel werkt met een zelfcorrigerend systeem. Als je dus een verkeerd blokje wilt plaatsen, dan lukt dat niet. De kaarten lopen op in moeilijkheidsgraad.

Door het spelen van het spel claimt Jumbo dat kinderen kennismaken met computertaal; leren hoe een computer denkt, leren om stappen in een logische volgorde te zetten en leren om problemen op te lossen. Daarnaast claimt Jumbo dat het spel aansluit bij STEAM, de internationale term voor Science (wetenschap), Technology (techniek), Engineering (bouwkunde), Arts (kunst), en Mathematics (wiskunde). Op educatief vlak worden deze verschillende gebieden vervolgens met elkaar verbonden.

Leerdoelen, lussen en teleurstelling

Wat mij meteen opvalt zijn de hoeveelheid leerdoelen die Jumbo aan het spel koppelt. Ik vind dit behoorlijk wat voor een spel dat op het eerste gezicht erg simpel oogt. Wat sceptisch maak ik de doos dan ook open. Het spel ziet er compact en degelijk uit. Ook de handleiding bestaat uit maar 2 pagina’s. De kaarten hebben daarnaast een thema dat zowel voor jongens als meisjes leuk is. Laagdrempelig en niet intimiderend is het spel zeker.

Tijd om het spel uit te proberen. Met veel enthousiasme spring ik – zoals door Jumbo wordt aangeraden – met de aap rond op het speelbord om zo van tevoren mijn stappen uit te denken. Braaf zet ik de programmeerblokjes in een volgorde, waarna ik mijn oplossing check achterop het boekje van de spelregels. Zo probeer ik een paar kaarten van verschillende moeilijkheidsniveaus uit. Er zit een fijne opbouw in de kaarten: zo worden er langzaamaan sprongen, bochten en herhalingen (loops of lussen) toegevoegd. Zeker over de herhalingen ben ik enthousiast, want dit idee is soms lastig aan kinderen uit te leggen. Met dit spel worden de herhalingen visueel en zo erg begrijpelijk.

Waar ik wel tegenaan loop, is het verschil in programmeren tussen dit spel en de Bee Bot. Dat is een klein geel robot-bijtje, dat ook veel wordt gebruikt met jonge kinderen. Van de Bee Bot ben ik gewend dat draaien en vooruitgaan 2 verschillende stappen zijn. Bij dit spel is zowel een draai als een vooruitgang 1 stap. Ik merk een lichte teleurstelling, omdat het bij programmeertaal juist belangrijk is om elk stapje uit te kauwen. Daarnaast merk ik dat het zelfcorrigerende principe me op een gegeven moment wat gaat vervelen. Hoe snel zal mijn nichtje van 5 dit principe doorhebben?

Een toegankelijk spel met veel beloftes

Zoals je bij mijn eerste indruk las, ontdekte ik zowel positieve als negatieve kanten aan het spel. Laat ik beginnen met de positieve.

Het spel visualiseert programmeren en helpt kinderen om stappen in een logische volgorde zetten. Ik denk dan ook zeker dat we de term 'computational thinking' aan dit spel kunnen verbinden. Daarnaast zit er een goede opbouw in het spel; kunnen kinderen er zelfstandig mee aan de slag en is het gemakkelijk mee te nemen. Ook de toegankelijkheid en laagdrempeligheid van het spel vind ik een grote pre.

Toch ben ik niet alleen vol lof over 'Ik leer coderen!'. Hoewel het spel zeker aansluit bij onderdelen van STEAM (zoals leren door fouten maken en oplossingsgericht denken) vind ik het voor dit spelletje een grote claim. Het is te eenzijdig gericht op programmeren. Daarnaast ben ik bang dat het zelfcorrigerend principe kinderen op een gegeven moment tegen gaat staan, of dat ze het doorhebben waardoor de leerdoelen niet worden behaald.

Verder hadden de stapjes van mij – zoals bij de Bee Bot – nog meer uitgekauwd mogen zijn. Ik zou het spel en de robot dan ook zeker niet naast elkaar gebruiken, omdat dit alleen maar voor verwarring zal zorgen. Ook bestaat het spel uit een beperkt aantal kaarten. Met een beetje creativiteit valt hier natuurlijk wel iets aan te veranderen, maar ik denk toch dat als kinderen de kaarten hebben uitgespeeld ze het spel er niet zo snel nog eens bij pakken.

'Ik leer coderen!' maakt dus zeker niet al zijn beloftes waar. Maar het is wel een toegankelijke tool waarmee kinderen – zonder scherm – kennis opdoen over de eerste stappen van coderen. Daarnaast is het spel verkrijgbaar voor een hele leuke prijs en kan je een mooie koppeling maken met het online programmeerprogramma Scratch. Daarom krijgt het spel van mij een 7.

 

'Ik leer coderen!' is verkrijgbaar voor een leuke prijs en je kan een mooie koppeling maken met het online programmeerprogramma Scratch. Daarom krijgt het spel van mij een 7.

 

Vragen?

Heb je vragen over dit spel, of over spellen op het gebied van mediaopvoeding in het algemeen? Of wil je jouw ervaring met dit spel delen? Neem contact op met Aniek van Son.

Bekijk ook: onze Lab out of the box leskisten! Daarmee kun je direct aan de slag met coderen in jouw bibliotheek.