Inburgeringswet: uitstel en toch van start

De inburgeringswet gaat vanwege de complexiteit van de stelselwijziging een half jaar later dan gepland in werking; de verwachting is nu januari 2021. Minister Koolmees maakte dit onlangs (februari 2019) bekend via ‘Kamerbrief veranderopgave inburgering’. Maar gemeenten en het ministerie willen niet wachten met het ondersteunen van inburgeraars tot de nieuwe wet er is.

Activiteiten gericht op integratie en participatie

Uit de brief blijkt dat op het AZC zo vroeg mogelijk wordt gestart met activiteiten gericht op integratie en participatie. Hierbij wordt van gemeenten verwacht dat zij zo vroeg mogelijk betrokken zijn bij de inburgeraar die zich in hun gemeente gaat vestigen. Na een brede intake wordt op basis van de informatie een persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP) opgesteld. Voor bibliotheken is het interessant om te weten dat bij de invulling van het PIP o.a. gedacht kan worden aan:

  • Tegenprestatie of andere activiteiten onder de P-wet
  • Deelname aan taalmaatjestraject
  • Behalen van een praktijkverklaring of deelcertificaat
  • Vrijwilligerswerk
  • Begeleid werk bij een werkvoorziening
  • Zelfwerkzaamheid
  • Deelname aan activiteiten in het kader van welzijn
  • Budget-coaching
  • Digitale vaardigheden
  • Ouderbetrokkenheid op scholen of sportverenigingen
  • etc. 

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het ministerie willen niet afwachten tot de nieuwe wet er is. Ze willen ondertussen aan de gang met begeleiding en ondersteuning bieden bij inburgering richting het nieuwe stelsel door: ‘Extra impuls inburgering ‘en ondertussen’.

Budget voor extra middelen

Om de gemeenten te stimuleren al voor januari 2021 hun nieuwe regierol op zich te nemen, worden er in de periode 2019-2020 extra middelen ingezet (totaal 40 miljoen). Totdat het nieuwe inburgeringstelsel officieel van kracht is, kunnen gemeenten met dit extra geld de huidige groep inburgeraars alvast beter begeleiden naar een hoger taalniveau en daarmee naar een betere kans op werk.

  • De extra gelden zijn specifiek bedoeld voor de volgende activiteiten die gemeenten binnen de huidige kaders al kunnen uitvoeren:
  • Het adviseren/informeren over een passende taalcursus en cursusinstelling.
  • Monitoren hoe de taalverwerving/de inburgering vordert.
  • Adviseren over vervolgstappen in taalverwervingsproces, waarbij ook participatie betrokken kan worden omdat dit stimulerend is voor snellere/betere taalverwerving.
  • Het opzetten van activiteiten die gericht zijn op het versterken van de taalverwerving van de doelgroep.

Bovenstaande zaken bieden veel aanknopingspunten voor de bibliotheek en het digiTaalhuis om in samenwerking met partners zorg te dragen voor een goed lokaal inburgeringsbeleid. Daarom is het advies aan bibliotheken om in gesprek te gaan met de gemeente, inburgerorganisaties en taalaanbieders. Je kunt niet vroeg genoeg beginnen!

Neem voor meer informatie contact op met Ellie van der Meer, via evdmeer@probiblio.nl.