Wat is er nodig om een jongere in de bibliotheek te krijgen?
Tijdens mijn tweede traineeopdracht ben ik met jongeren in en rondom Den Helder in gesprek gegaan om te achterhalen wat hun behoeften zijn op het gebied van programmering in de bibliotheek. Dat bleek nogal uiteen te lopen, en waarom zou dat ook niet? Het zijn ten slotte mensen die in alle vormen en maten komen. Het is geen afgebakende doelgroep met één behoefte of één wens. Het zijn mensen, ieder met hun eigen interesses en persoonlijkheden. Hieronder lees je wat de meest opvallende punten zijn die ik meeneem uit deze opdracht.
Eyeopener: jongeren zien de bieb niet
Eén ding kwam in bijna alle gesprekken terug: jongeren zien de bibliotheek vaak niet. Niet omdat ze haar stom vinden, maar omdat informatie hen niet bereikt. Posters vallen niet op, websites worden niet bezocht. Als iets hen bereikt, dan is dat via sociale media (TikTok en Instagram) of via school. Informatie over activiteiten in de bibliotheek komt daardoor dus ook zo goed als niet aan bij de jongere in Den Helder. Dat was een eyeopener, want dan maakt het niet uit wat er geprogrammeerd wordt: de jongeren komen niet. Ik kwam er dus achter dat een film voor een jonger publiek bezocht werd, maar een film voor de oudere jongere (16+) zonder extra aandacht geen enkele bezoeker had gehad.
Plek boven activiteit
Daarnaast ging het verrassend vaak niet over activiteiten, maar over ruimte. Jongeren willen een plek. Een plek waar ze mogen zijn zonder het gevoel te hebben dat ze te luid zijn of in de weg lopen. Dat gevoel leeft, ook als ze het zelf nog niet hebben meegemaakt. Dit was een van de eerste dingen die ik hoorde van de jongeren die ik sprak.
Een afgesloten ruimte, een lounge, meer studieplekken: het werd allemaal genoemd. En ook erg vaak. Het ging eigenlijk sneller hierover dan over een activiteit. Oftewel: “Dat is leuk zo’n jongerenactiviteit, maar waar is mijn plek in de bibliotheek?” Dat maakte voor mij duidelijk hoe groot de impact is van sfeer in een bibliotheek. Jongeren willen zich welkom voelen.
Leren door te experimenteren
Wanneer het wel over activiteiten gaat, valt op dat jongeren vaak pas reageren als ideeën concreet worden. De vraag “wat zou je leuk vinden?” levert weinig op, maar voorbeelden doen dat wel. Creatieve workshops, films, spelletjes, iets met spanning of verrassing. Ik denk dat het niet weten wat ze willen ook wel past bij dat brein dat nog aan het ontwikkelen is, want hoe kun je nou weten wat je precies wil als je je brein en identiteit nog aan het vormen bent? Het is dus ook af en toe een kwestie van proberen en kijken of een activiteit aanslaat. Niet alles werkt, en dat hoeft ook niet. Soms is het moment verkeerd, soms is de doelgroep te breed en soms sluit een activiteit ook gewoon niet aan.
Naast experimenteren is het ook belangrijk om geduld te hebben. Soms moet iets de tijd hebben om te groeien. De eerste keer dat er bijvoorbeeld een boekenclub is, zullen er waarschijnlijk minder deelnemers zijn dan na de tiende bijeenkomst. Dan speelt ook nog mee dat de drempel hoog kan zijn om ergens alleen naartoe te gaan. Weten wie er komt, of herkennen dat er ‘mensen zoals jij’ aanwezig zijn, maakt een groot verschil.
Houd de jongeren dichtbij
Het allerbelangrijkste is toch wel om met de jongeren in gesprek te blijven. Niet stoppen met betrekken wanneer iets werkt. Ze staan op dat punt in hun leven waarbij er nog zoveel het verschil kan maken, en ik denk dat wanneer je laat zien dat je tijd en energie in ze steekt, dat de bibliotheek die plek kan zijn die het verschil maakt. De wereld verandert constant en zo ook die van de jongeren. Neem hen mee en laat ze jou meenemen. Zo kunnen we van elkaar blijven leren en de bibliotheek toegankelijk maken voor iedereen.