Wat mag een ethische blik op AI ons kosten?
AI dwingt bibliotheken om keuzes te maken die verder gaan dan techniek. Want zodra je AI inzet, raken waarden als onafhankelijkheid, privacy en betrouwbaarheid direct in het geding. In deze column stel ik de vraag: wat mag een ethische blik op AI ons kosten?
Wil je liever naar de column luisteren? Beluister dan onderstaande podcast.
In een reeks columns over AI neemt Erik Reuvers, adviseur Digitale Geletterdheid bij Probiblio je mee in de wereld van artificiële intelligentie en wat die betekent voor bibliotheken. Niet alleen technisch, maar juist vanuit de waarden waar bibliotheken voor staan.
AI raakt de kern van de bibliotheek
Steeds vaker en met toenemende urgentie spreken bibliotheken over een ethische en morele benadering van AI binnen de organisatie. Al in 2020 stond zo’n aanpak centraal in de publicatie AI in de bibliotheek: 7 principes van de KB. Opvallend genoeg gingen vijf van de zeven principes expliciet over ethische kwesties: inclusiviteit, onpartijdigheid, toezicht, privacy en transparantie.
Dat is niet toevallig. Bibliotheken zijn bij uitstek publieke instellingen, gebouwd op waarden als vrije toegang tot informatie, betrouwbaarheid van kennis, onafhankelijkheid en het versterken van de autonomie van de gebruiker. AI raakt al deze waarden direct.
Tegelijkertijd valt op dat juist bij de grote commerciële large language models meerdere van deze principes onder druk staan. Toch voeren deze systemen vaak de boventoon in hoe we AI inzetten en hoe het gesprek over AI wordt gevoerd. De discussie begint opvallend vaak bij de vraag: welk model werkt het beste? In plaats van bij de vraag: welke waarden willen we beschermen?
Betrouwbaarheid onder druk
We weten namelijk al geruime tijd dat de onderliggende bronnen van veel AI-toepassingen niet rechtmatig zijn verkregen. Daarnaast ontbreekt het vaak aan duidelijke of verifieerbare bronverwijzingen, waardoor de status van betrouwbare informatie onder drukkomt te staan. Voeg daar de beperkte transparantie over de werking van algoritmen aan toe, in combinatie met commerciële prikkels die gericht zijn op het maximaliseren van gebruik, en de conclusie dringt zich op dat van een werkelijk ethische aanpak nauwelijks sprake kan zijn.
Toch zijn dit bezwaren die in de dagelijkse praktijk gemakkelijk naar de achtergrond verdwijnen. Het gemak, de snelheid en de kwaliteit van de output maken veel goed. Daarmee verschuift de ethische discussie subtiel: niet of een systeem past bij onze waarden, maar hoe we het zo verantwoord mogelijk kunnen gebruiken. En juist daar wringt het.
Tussen gemak en verantwoordelijkheid
Een ethische benadering van AI gaat niet primair over het netjes gebruiken van de AI die we toevallig het prettigst vinden werken. Ze begint bij de vraag hoe belangrijk we ethiek, publieke waarden en professionele verantwoordelijkheid daadwerkelijk vinden. Pas daarna volgt de vraag welke technologie daarbij past.
Alternatieven voor de gevestigde AI-orde maken deze spanning zichtbaar. Ze werken vaak trager, beschikken over minder of kleinere datasets, zijn duurder en minder gebruiksvriendelijk. Bovendien vragen ze meer van de gebruiker: kritisch lezen, antwoorden wegen en onzekerheden accepteren. Het is dan ook niet vreemd om te denken dat verantwoorde AI-systemen, die hun bronnen en aannames beter op orde hebben, simpelweg minder goede antwoorden genereren.
De vraag is niet of dat zo is. De vraag is of we dat acceptabel vinden.
Misschien is AI die expliciet onzekerheid toont en daarmee de mens in controle laat, juist beter passend binnen een bibliotheekcontext. Niet omdat deze technologie “beter” is in technische zin, maar omdat zij beter aansluit bij publieke waarden: transparantie boven overtuigingskracht, betrouwbaarheid boven snelheid, en autonomie boven gemak.
De keuze voor een ethische AI is daarmee geen technische keuze, maar een normatieve. Het is een uitspraak over wat we als bibliotheken belangrijker vinden: maximale efficiëntie of zorgvuldige kennisbemiddeling.Een ethische blik op AI kost ons iets.
Maar misschien is de vraag niet: wat kost het ons?
De vraag is: wat kost het ons als we die prijs níet betalen?