Collectioneren voor de Bibliotheek op school was nog nooit zo makkelijk

Blog Interview
Gepubliceerd op 05 september 2023
Probiblio medewerker David Rozema

Door David Rozema

Door het Masterplan Basisvaardigheden breidt het aantal Bibliotheek op School-locaties de komende tijd flink uit. Voor David Rozema, collectieadviseur bij Probiblio, een reden om een handboek leesomgeving en collectie voor de Bibliotheek op school (dBos) in het voortgezet onderwijs samen te stellen. Hiermee wordt het voor leesconsulenten nóg makkelijk om een passende collectie voor dBos samen te stellen.  

Een handboek leesomgeving en collectie… Vertel eens?

‘Voor het primair onderwijs (po) was zo’n handboek er al. Vanuit Stichting Samenwerkende POI’s Nederland (SPN) schrijf ik aan een handboek voor het voortgezet onderwijs (vo), want dit bestaat op dit moment nog niet. Hierin zal onder meer aandacht zijn voor: richtlijnen voor inhoud, omvang van de collectie en ook de digitale mogelijkheden. Ik heb al veel ervaring met collectioneren voor het primair onderwijs, maar het voortgezet onderwijs vraagt net wat anders. Denk maar aan het lezen bij andere vakken dan Nederlands en het lezen voor de lijst.’

Hoe collectioneer je voor de kinderopvang, het primair en voortgezet onderwijs?

‘Het begint met saneren. Dit betekent: alles eruit dat ouder is dan 8 jaar en alles wat er niet meer goed uit ziet. Je probeert ongeveer 50% over te houden, maar als er alleen maar oude titels staan, kun je soms het beste bij nul beginnen.’

‘Hierna wordt er een profiel gemaakt voor de school. Dit bestaat uit meerdere onderdelen. Als eerste is er een richtlijn voor de hoeveelheid boeken per leerling (5-8 boeken in het primair onderwijs, 3-5 boeken in het vo en 3-8 boeken in de kinderopvang). Dit wordt verdeeld aan de hand van de landelijke richtlijn over het soort boeken. Vervolgens hou je nog rekening met de indeling van Open Boek. Zo heb je een mooie verdeling over het soort boeken en de verschillende leesdoelen. In het profiel is het ook belangrijk te kijken naar de signatuur van de school: is de school multicultureel (speelt meertaligheid een rol), werkt de school vanuit een bepaalde geloofsovertuiging of bepaalde thema’s (bijvoorbeeld duurzaamheid)? Dit neem je allemaal mee in de aanschaf van de collectie.’

‘Als de startcollectie is aangeschaft en deze staat in de schoolbibliotheek, dan is dat reden voor een feestelijke opening. Vervolgens blijf je aanschaffen. Dat hoeft niet elke week (maar als je dat wel doet krijg je meer korting bij de NBD), maar bijvoorbeeld wel na elke vakantie. Dan heb je ongeveer zes keer per jaar nieuwe boeken en een mooi uitpakmomentje met de leerlingen bijvoorbeeld. Elk jaar saneer je ongeveer 10% van de boeken en vervang je deze. Als je zonder bestaande collectie begon, dan hoef je de eerste jaren niet te saneren.’

Wie heeft welke rol bij het collectioneren?

‘Bij het collectioneren heeft zowel de collectioneur als de leesconsulent een belangrijke rol. In de ideale situatie is de collectioneur eindverantwoordelijke voor de collectie. Dit betekent niet dat de collectioneur zelf alles hoeft aan te schaffen. De collectioneur heeft de kennis om snel boeken te vinden die passen bij het profiel van de school en weet wat goede uitgeverijen zijn. De leesconsulent is hierbij de contactpersoon van de school en geeft vragen en wensen door, bijvoorbeeld dat er behoefte is aan boeken over de herfst, meertaligheid of theaterlezen. Als leesconsulent is het belangrijk om de collectie te kennen, maar de grootste rol ligt bij docenten en leerlingen. Het beheer van de schoolbibliotheek past goed bij vrijwilligers vanuit de school, zoals ouders of helpende leerlingen.’

Waar schaf je de boeken aan?

‘Voor de bulk van de boeken is het verstandig om naar de NBD te gaan en voor de rest naar een goede kinderboekhandel. De kinderboekhandel is een goede partner om meerdere redenen: je investeert lokaal (en dat vinden subsidiegevers fijn) en je zorgt voor culturele verbindingen. Ook kan de boekhandelaar leerkrachten en ouders inspireren. Sommige boekhandelaren kunnen boeken ook voor je inwerken, precies zoals de NBD het doet.’

Tot slot nog deze tips van David:

  • Als ouders en leerlingen een rol willen spelen en het kan: leuk! Maar kanaliseer enthousiasme. Maak ze bijvoorbeeld ambassadeur van (een onderdeel van) de schoolbibliotheek.
  • Maak een feestje van elke nieuwe boekenlevering: uitpakfeest!
  • Kijk kritisch naar boeken die een bron hebben in andere media, zoals boeken over populaire kinderseries en films. Dit is aantrekkelijk voor kinderen, maar als het vervolgens een niet goed geschreven boek is dan leidt dat ook niet tot meer leesplezier. Dit geldt ook voor boeken van BN’ers.
  • Saneer op een rustig moment. Zo word je niet gestoord door betrokken docenten.
  • Maak gebruik van de richtlijnen van de toolkit.