“De bibliotheek gaat een gouden toekomst tegemoet”

Interview
Gepubliceerd op 01 november 2023
Probiblio medewerker Karen Bertrams

Door Karen Bertrams

Barbara van Walraven, adviseur onderwijs en kinderopvang, kijkt vol positiviteit naar de toekomst. Als éminence rouge van meertalig bibliotheekwerk is ze een begrip binnen Probiblio en bibliotheken. Met haar pensioen in zicht is het tijd om van Barbara te horen wat haar drijft.

Gestaag

“Tien jaar geleden dacht ik met mijn collega’s: ‘We zijn als de Titanic en gaan langzaam ten onder’. Als het postkantoor kan verdwijnen, waarom dan niet de bibliotheek? De omslag naar de educatief- maatschappelijke bibliotheek ging te langzaam. Het is fantastisch dat we toch in staat zijn geweest om het tij te keren en het belang van bibliotheken vast te houden en uit te dragen door IDO, Digitaal Burgerschap en de ontwikkeling naar een Third Place. Verheffing van het volk, heette dat vroeger en dat blijft altijd bestaan, het geloof in ‘Hinauflesen’. We zitten op de goede weg en gaan een gouden toekomst tegemoet.”

Als iemand als Barbara van Walraven, éminence rouge, dat zegt, moet dat wel waar zijn. Het mooie woord g e s t a a g  is als een portretje op haar van toepassing. Het langzaam, bewust, met oog voor samenwerking en kwaliteit bouwen aan een duurzame bibliotheek door een levenslange toewijding.

Meertaligheid met de paplepel

“Ik ben altijd erg van de structuur, door mijn karakter en mijn jeugd. Van mezelf ben ik onzeker en ik heb oog voor beren op de weg, juist structuur geeft mij houvast. De liefde voor meertaligheid is terug te voeren op mijn jeugd in Blora op Java in Indonesië, aan het meer van Tiberias in Israël en Taxila, Pakistan. Mijn vader was zendingsarts, hij deed bijvoorbeeld staaroperaties voor mensen die in hutjes leefden met open vuur en die staar kregen door de rookontwikkeling. Onze moeder gaf mij, mijn drie zussen en broer thuisonderwijs, daar genoot ze van! Bedienden deden alles en zij had dus tijd om ons te leren lezen en schrijven. In een ander land ben je altijd een vreemde eend in de bijt, je moet niet opvallen. In Pakistan was er de angst voor kidnapping, een wit kind is goed te verhandelen, we mochten nooit zonder toezicht naar buiten. Voor het type kind dat ik was, was het geen veilige omgeving met al die verhuizingen. Interessant was het wel en het heeft mijn horizon heel erg verbreed. Terug in Amsterdam in 1964 – ik was 7 – vond in de buurt rond het Surinameplein iedereen alles gek aan ons; hoe we spraken, de kleding van mijn moeder, mijn rode haar. Mijn vader overleed op zijn 43ste, ik was toen 13 en heb me toen heel onbeschermd gevoeld door onze plots ongewisse toekomst. Mijn moeder moest het rooien met vijf opgroeiende kinderen en dat heeft ze fantastisch gedaan, maar je kunt nooit vader en moeder tegelijk zijn.” 

Barbara van Walraven
Barbara in Pakistan en in haar roaring twenties

“Mijn vader had ons ingeprent dat de ‘beste bestrijding van armoede geletterdheid en onderwijs zijn.”

Kees Fens

“Na mijn middelbare schooltijd in Haarlem probeerde ik een jaartje Geschiedenis aan de VU, ging ik een jaar werken, maar pas op de Frederik Muller Academie in Amsterdam voelde ik me als een vis in het water. Die brede bibliotheekopleiding met 80 vakken was precies goed voor mij, zelfs annoteren vond ik leuk. En wat een feest en voorrecht om Nederlands te krijgen van de immer fulminerende letterkundige en literatuurcriticus Kees Fens! Jeugdbibliotheekwerk sprak me aan, mijn vader had ons ingeprent dat de ‘beste bestrijding van armoede geletterdheid en onderwijs zijn.”
“Gepokt en gemazeld door diversiteit in biebvloeren werd ik bij de ‘Vliegende Brigade’ van Bibliotheek Amsterdam. Er waren in die crisistijd geen vaste banen, maar dit was een perfecte leerschool in het zo bibliotheekse ‘niks geen standaard aanpak’ – bij elk filiaal en elke buurt deden ze de dingen op hun eigen manier. Paradijsvogel, punk, jeugdbibliothecaris en vriendin Soan Lan Ie deed in Buitenveldert de meest originele, ongelooflijke en krankzinnige dingen, toen werd het echt leuk. Mijn twee kinderen zijn in die periode geboren en ik kreeg mijn eerste vaste baan in Osdorp, ging daarna naar Duivendrecht en Driemond. ‘Mag ik een keer blijven slapen?’ vroeg een jongetje na een groepsbezoek. Goud.”

“Zelfs vanuit een houten keet kun je innoveren.”

Blauwtje en geeltje

“Door mobiliteitsbeleid bij OBA werd ik gedetacheerd bij Bibliotheek Haarlemmermeer als doelgroepenspecialist. Daar ben ik gebleven en dat is mijn beste tijd geweest. Een ambitieuze organisatie die doorgroeimogelijkheden bood. Directeur Adriaan van Geest en adjunct Clinton Feurich boden veel kansen met projecten als de Nationale Voorbeeldbibliotheek, zelfservice, retailconcept als paradepaardjes in de nieuwe vestigingen Floriande en Nieuw-Vennep. De Centrale bibliotheek zelf zat in een houten keet, ook vanuit daar kan je innoveren. Clinton en ik waren Blauwtje en geeltje, pak die klassieker van Leo Lionni er nog even bij! Een goed team dat elkaar aanvult in de kansrijke combinatie van inspiratierijkdom en structuur. Als programmacoördinator Innovatie & Ontwikkeling rolde ik landelijke projecten als De Rode Draad, JIP en HIP, 50+ leest voor, BoekStart / in de kinderopvang en tot slot de Bibliotheek op school uit. Vroeger konden we niks meten en verzuchtten we vaak: ‘Wat jammer dat je niet aan kan tonen wat het resultaat is van ons werk.’ En nu kan dat gelukkig en vinden bibliotheken dat het zoveel werk is om de Monitor in te vullen, terwijl je daarmee goud in handen hebt en de gemeente kunt laten zien wat de impact is van wat je doet. Ik bleef er 14 jaar en stuurde uiteindelijk een team van 15 mensen aan dat ook meedacht over de inrichting van het Cultuurgebouw, met Kinect gaming, een flightsimulator en de Studiebieb.”

“Leidinggeven is heel interessant en moeilijk tegelijk; mensen meenemen in verandering vergt persoonlijke benadering. Ik gebruik altijd deze metafoor: de muis heeft een snuit, de voorlopers, een lijf, dat zijn de meesten en de staart – daar zit de frictie, de mensen die niet meebewegen. Als iemand iets niet wil, kom je er vaak door gesprekken achter dat de weerstand ergens anders zit en het is fijn als je dat op kan lossen. Ik ben gevoelig voor sfeer en herken dit soort mechanismen wel. En ook belangrijk: elke generatie moet het weer zelf (mogen) ontdekken, bijt op je tong als je wil zeggen ‘dat hebben we al gedaan!”

Taal is je identiteit

“Tijd voor iets anders, ik ben in 2013 voor mezelf begonnen onder mijn eigen naam, Barbara van Walraven, klinkt goed! Je bent wat vrijer en die autonomie is ook fijn om te ervaren. Na een aantal klussen voor bibliotheken miste ik toch een team en merkte ik dat je invloed beperkter is dan als je voor een grotere organisatie werkt. Adviseur Educatie bij Probiblio was dan ook mijn volgende en laatste stap, waarbij alles samenkomt; de brede horizon, de rijke expertise, een deskundig team en door mijn functie als projectleider BoekStart ook het landelijke niveau van KB, SPN, Stichting Lezen. De laatste jaren vormt Meertaligheid de kern van mijn interesse. In mijn opvoeding was respect voor elkaar belangrijk. Taal is zo verweven met je identiteit, als jouw taal afgewezen wordt, gaat dat ook over afwijzing van jou als persoon. Dat heb ik als meisje zelf ondervonden toen de Amsterdamse kinderen ‘zeg dan eens ‘ik heb rood haar’ in het Pakistaans’ aan me opdroegen. Het woord ‘kak’ kende ik ook niet, we kenden geen straattaal en konden daardoor in het begin niet echt meekomen.  In mijn vrije tijd ben ik via de Regenboog maatje van een Eritrese moeder en zet ik me in voor de VoorleesExpress.”

Vrije expressie

“Nu is een periode van reflectie op mijn werkende leven, mijn carrière noem ik het maar even, aangebroken. Eerst heb ik het ontkend en ik vind het lastig om afscheid te nemen. De vanzelfsprekendheid om door je collega’s meegenomen te worden in nieuwe ontwikkelingen, dat valt weg en je moet er meer zelf achter aangaan. In 2024 begint voor mij een nieuwe fase in mijn leven waarin ik open wil laten hoe die vorm gaat krijgen. In ieder geval meer ruimte geven aan mijn kunstzinnige kanten die zich nu alleen uiten in haken en borduren (structuur!), maar er zijn plannen voor het maken van keramiek (vrij!) met vriendin en vakzuster Marijke Schauikes. En weer of geen weer, alleen of met mijn groepje; hardlopen maakt mijn hoofd leeg, stimuleert mijn bloedcirculatie en boost mijn teint (ijdelheid is me niet vreemd) en laat me genieten van Amstelpark en Amsterdamse Bos.”

De Lonkende Leestafel maakt een buiging voor de gestaagheid* van onze éminence rouge en voorspelt haar een eveneens gouden toekomst.

*Gestaagheid is een Nederlands woord dat geleidelijkheid maar persistent betekent. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat gebruikt wordt om bestendigheid, volharding en voortduring te beschrijven. Een voorbeeldzin waarin het woord gestaagheid wordt gebruikt is: “De gestage toename ervan verzekert dat het einddoel eensdaags bereikt gaat worden”.

Verder praten met Barbara kan altijd!

Barbara jeugdvloer OBA 23 title=
Barbara van Walraven op een van haar favoriete plekken: de jeugdafdeling van OBA

De Lonkende Leestafel is de community van ondernemende bibliotheekprofessionals. In deze interviewreeks gaan we in gesprek met avontuurlijke types.