Lees Mee club: 'Jeugdliteratuur en didactiek, handboek voor vo en mbo' door Iris Kamp, Jannke Jong-Slagman en Peter van Duijvenboden
Deze zomer is de herziene versie van het boek ‘Jeugdliteratuur en didactiek, handboek voor vo en mbo’ uitgekomen geschreven door Iris Kamp, Jannke Jong-Slagman en Peter van Duijvenboden. Een goed moment om het samen te lezen met de Lees Mee Club. Het boek neemt je in deel 1 heel mooi mee in wat jeugdliteratuur is, het historisch perspectief en hoe jeugdliteratuur bemiddeld wordt. In het tweede deel gaat het over didactiek en hoe je lezers maakt.
Literaire docenten
In het boek wordt uiteraard ook een onderscheid gemaakt tussen leesbevordering en het ontwikkelen van leescompetenties. Als leesmediaconsulent ben je er vooral voor het ontwikkelen van het leesplezier/leesbevordering, maar je hebt op een focus op de docenten in je samenwerking die verantwoordelijk zijn voor het ontwikkelen van de leescompetenties van de leerlingen. Daarom zul je dus ook een goed begrip moeten hebben van de vorming van leescompetenties werkt zodat je kunt aansluiten bij hun referentiekader. Daar lees je in dit boek meer over. Zo staat er een mooi schema in over het werken aan de literaire begrippen (op pagina 210). Het schema geeft antwoord op de vraag welke begrippen aandacht krijgen in de onderbouw en op welk niveau (vmbo – vwo).
Een ander handig onderscheid wordt in het boek gemaakt tussen het type literatuurdocenten (pagina 226). De nadruk ligt voor hen op:
- De culturele vormer geeft relatief veel literatuurgeschiedenis en poëzie: het doceren staat centraal.
- De literair-esthetische vormer legt de nadruk op literatuur-theoretische onderwerpen. Kennis van structuur- analytische begrippen en het leren hanteren van een structuur-analytische aanpak bij het lezen van literatuur staan centraal
- De maatschappelijke vormer peilt vaker de beginsituatie van de leerlingen (leesgewoonte en leesvoorkeuren). Er is meer aandacht voor de belevingswereld van de leerling in relatie tot de gelezen tekst, voor burgerschap, de maatschappelijke context van literatuur en voor modernere lezersgerichte begrippen.
- De individuele ontplooier lijkt op de maatschappelijke vormers. Persoonsvorming is een belangrijk doel, maar er is geen aandacht voor de maatschappelijke context van literatuur. Persoonlijke reacties en waardeoordelen zijn een onderdeel van de toetsing.
Het snappen van de verschillende soorten docenten geeft je als leesmediaconsulenten handvatten in het adviseren. Wat vindt hij/zij belangrijk en hoe kun je daarop aansluiten: welke boeken beveel je aan, welke verwerkingsopdrachten passen goed bij die docent?
Het is zo belangrijk om docenten mee te krijgen. Ook in dit boek wordt onderzoek aangehaald dat het is bewezen dat docenten die zelf lezen én daar enthousiast over vertellen de leesvaardigheid van leerlingen vergroten. Het heeft zelfs een positief effect op het studiesucces van de leerlingen (Hattie, 2015 en Krashen, 2024).
Leesplezier en leesniveau bij leerlingen vergroten
In het boek staan ook veel tips over het vergroten van het leesplezier van leerlingen en het helpen van de leerling naar een volgend niveau te groeien.
Het leesplezier wordt bijvoorbeeld vergroot door identificatie (het kunnen inleven in de personages) en emotionele transportatie (word je meegenomen in het boek), maar ook hoe er wordt gelezen en hoe de leesomgeving eruitziet.
Voor het helpen van leerlingen naar een volgens leesniveau staan verschillende tips en trucs voor beschreven. Het is altijd belangrijk om rekening te houden met de zone van naaste ontwikkeling van Vygotsky (het gebied tussen wat een leerling zelfstandig kan en wat hij of zij met hulp kan bereiken, waar leren en ontwikkeling plaatsvinden). Dus laat leerlingen stappen zetten die grenzen aan hun eigen kunnen en ze niet buiten hun comfortzone brengen. Voorbeelden van hoe je leerlingen kan helpen naar de volgende stap te gaan zijn:
- Helpen bij de boekenkeuze;
- voorlezen door de docent;
- luisterlezen (luisterboek meelezen);
- verdiepingsopdrachten op verschillende niveaus aanbieden, zoals wordt gedaan bij Lezen voor de lijst.
Praten over boeken
Gesprekken voeren over boeken verhoogd de leesmotivatie in bijna alle gevallen (Ganushchak 2025) en is daarmee een belangrijke interventie. In dit boek staan veel argumenten waarom de implementatie van vrij lezen en begeleid vrij lezen essentieel is om de leermotivatie van jongeren ter verhogen. De boeken alleen zijn niet voldoende. Dat is als denken dat iemand beter leert rijden op een fiets door naar een fiets te kijken en er nooit mee te gaan fietsen.
Conclusie
Naast handige frameworks, uitleg van begrippen en heel veel mooie jeugdboekentips, was een website die voor mij nieuw was: pratenoverfictiefragmenten.nl. Dit is een handige website met tekstfragmenten van bijvoorbeeld ’27 dagen leven’ van Maren Stoffels en ‘Alaska’ van Anna Woltz, met daarbij werkbladen en lessuggesties.
Ik vind dat dit boek een standaardonderdeel mag zijn in de leesmediaconsulenten opleiding, want het geeft een heel duidelijk framework en uitleg over wat het werken aan leesmotivatie in het voortgezet onderwijs betekent.
Ook meelezen met de Lees Mee Club? Meld je aan bij Lotte de Ruiter.