Resultaten nulmeting Provinciaal Collectiebeleidsplan
Dit jaar zijn we in Noord- en Zuid-Holland gestart met de implementatie van het Provinciaal Collectiebeleidsplan. Als onderdeel daarvan wordt voor alle negen thema’s een nulmeting uitgevoerd. Voor zes thema’s is deze inmiddels door vrijwel alle bibliotheken ingevuld. In deze blog bespreken we de belangrijkste uitkomsten.
Drie thema’s centraal in 2027
Op basis van de uitkomsten van de vragenlijsten en de vragen die wij binnenkrijgen, is besloten dat volgend jaar de focus ligt op drie thema’s: doelgroepgericht collectioneren, jongeren en plek. Deze thema’s krijgen volgend jaar een publicatiepagina op de website en extra aanbod. De andere thema’s krijgen ook aandacht, maar zijn geen focuspunt.
Onderzoeksverantwoording:
De vragenlijsten zijn door 31 tot 33 van de 36 bibliotheken ingevuld. Voor de scores tussen de haakjes wordt gekeken naar de opties 4 of 5 op een vijfpuntschaal bij de vraag of een bibliotheek ergens goed op scoort.
Doelgroepgericht collectioneren
De ambitie is om komende vier jaar de inwoner meer bij de collectie te betrekken en daarmee een authentieke collectie te creëren bij de bibliotheken die de lokale verhalen weerspiegelt.
Uit de nulmeting blijkt dat bijna alle bibliotheken hun collectie aanschaffen met hulp van uitleencijfers, er door de helft (54%) beleidskeuzes worden gemaakt om ondervertegenwoordigde doelgroepen te bereiken en dat er intern bij veel bibliotheken samen wordt gewerkt tussen afdelingen om de collectie aan te schaffen (63%).
Daarentegen maken collectiespecialisten bij zes op de tien bibliotheken (42% wel) nog onvoldoende gebruik van het netwerk in hun werkgebied en betrekt slechts een kwart van de bibliotheken inwoners bij de aanschaf van de collectie (26%).
Daarom zetten wij komend jaar met een werktraject in om bibliotheken concreet te ondersteunen bij het betrekken van de inwoners en het inzetten/creëren van een netwerk om de inwoners te betrekken. Ook ontwikkelen we mini-pilots om klein te starten.
Collectiekennis
De ambitie is om de komende vier jaar de bibliotheek de plek te maken waar de bezoeker inspiratie vindt en pluriforme perspectieven aangereikt krijgt.
Bij acht op de tien bibliotheken (80%) is er een collectiespecialist die op de hoogte is van ontwikkelingen op het gebied van collectie en is er bij zeven op de tien (69%) ook ruimte qua uren om de collectiekennis op peil te houden. Bij vier op de tien bibliotheken is echter onvoldoende beleid op het gebied van collectiekennis (59% wel).
Qua zelfstandig klantvragen beantwoorden door medewerkers (30%) en de klant die de bibliotheek weet te vinden voor inspiratie is nog veel te winnen (47%).
Daarom zetten wij komend jaar weer in op de cursussen collectiekennis voor medewerkers publieke dienstverlening en zullen we ook aandacht besteden aan de plek zelf in de bibliotheek en hoe de bezoeker deze ervaart.
AI
De ontwikkelingen rond AI gaan heel hard, daarom is de ambitie om de komende vier jaar deze ontwikkelingen te volgen en te verkennen hoe we met deze uitdagingen om kunnen gaan.
Qua kennis is het lastig bij te blijven en dat zien wij ook in de antwoorden. Slechts een derde (33%) van de bibliotheken heeft genoeg kennis over de maatschappelijke impact en een kwart (25%) over de technische ontwikkelingen. Bij zes op de tien bibliotheken ontbreekt echter een duidelijke visie en transparantie over AI staat helemaal in de kinderschoenen (39% wel). Slechts 1 bibliotheek (3%) geeft aan in transparant te zijn naar leden en bezoekers over hun beleid en gebruik van AI. Ondertussen heeft bijna de helft (46%) van de bibliotheken het idee dat bezoekers bewust naar de bibliotheek komen voor betrouwbare informatie rond AI en hebben zij de vragen van deze bezoekers goed in beeld.
Om handvatten te geven om transparant te kunnen zijn en keuzes te maken organiseren wij op 17 september een AI-beleidssessie. Naar aanleiding van de uitkomsten gaan we in gesprek met de NBD.
DIG
De ambitie is dat de komende vier jaar ondervertegenwoordigde doelgroepen voldoende worden vertegenwoordigd in de collectie en dat dit zichtbaar is. De meerderheid (85%) van de bibliotheken geeft aan de er ruimte in het collectiebudget is om actuele diverse en inclusieve materialen aan te schaffen.
Bij de helft van de bibliotheken (47%) is er beleid op het gebied van DIG en bij vier op de tien (39%) wordt hierover bibliotheekbreed overlegd. Bij twee derde (33% wel) wordt de stem van de gemeenschap onvoldoende meegenomen in de aanschaf van materialen rond DIG. En bij een vijfde (20%) wordt de impact van de diverse collectie gemeten.
Omdat de stem van de gemeenschap onderbelicht is bij de aanschaf van materialen krijgt Diversiteit, Inclusie en Gelijkwaardigheid volgend jaar aandacht bij het aanbod rond doelgroepgericht collectioneren en bij de ondersteunen rond collectiebeleidsplannen. Ook besteden we dit jaar aandacht aan data-geïnformeerd werken en impactmeten.
Jongeren
De ambitie voor de komende vier jaar is dat bibliotheken een collectie hebben die aansluit bij de belevingswereld van jongeren en dat jongeren ook de collectie van de bibliotheek weten te vinden.
Bij circa de helft (48%) van de bibliotheken is één of meerdere medewerkers verantwoordelijk voor het beheer van de jongerencollectie en/of wordt rekening gehouden met de belevingswereld van jongeren (51%). Vier op de tien (42%) schatten in dat hun bibliotheek een plek is waar jongeren graag komen om gebruik te maken van de collectie.
Bij een kwart van de bibliotheken is er duidelijk beleid en/of wordt bibliotheekbreed gewerkt aan het samenstellen en inspirerend maken van de jongerencollectie (27%). Bij slechts één op de tien bibliotheken worden jongeren hier zelf structureel bij betrokken (9%).
Om de bibliotheken zo optimaal te kunnen ondersteunen en aan te sluiten bij de belevingswereld van de jongeren richten wij volgend jaar een jongerenraad op. Deze jongerenraad helpt bij het ontwikkelen van het aanbod en dient als klankbordgroep. Ook richten we ons op het netwerk rond jongeren.
Jeugd
De ambitie is om komende vier jaar in te zetten op een jeugdcollectie die de jeugd helpt met inspiratie en ook verwondert. Tegelijkertijd is het een collectie die bijdraagt aan de lees- en taalontwikkeling van kinderen.
De jeugdcollectie is bij veel bibliotheken (75%) belegd bij één of meerdere medewerkers. Bij meer dan de helft van de bibliotheken (54%) zijn er voldoende medewerkers aanwezig met specifieke kennis over de jeugdcollectie.
Bij minder dan de helft van de bibliotheek is er duidelijk beleid wat betreft de samenstelling van de jeugdcollectie (41%), presentatie (43%) en aansluiting bij dBos (42%). Slechts één op de tien van de bibliotheken (9%) betrekt actief de jeugd actief bij de samenstelling van de collectie.
Qua aanbod sluit de collectieafdeling aan bij de programma’s van educatie rond dBos en de taalvriendelijke bibliotheek. Ook zetten we in op kennisontwikkeling via de cursus jeugdcollectie voor de medewerkers publieke dienstverlening.
Plek, Data-geïnformeerd werken en de Digitale bibliotheek
Voor deze drie thema’s vragen wij jullie om de volgende vragenlijst in te vullen. Voor data-geïnformeerd werken gaan we naar aanleiding van de monitor een workshop ontwikkelen. De digitale bibliotheek wordt een focuspunt na de lancering van de nieuwe online bibliotheek in 2028.
Plek wordt een focuspunt op basis van vragen en aansluiting bij de andere thema’s. Hier organiseren we een inspiratiesessie op als vervolg op Leren van Musea. Ook ontwikkelen we aanbod op het aantrekkelijk maken van kasten.